top of page

Hoe kom ik van mijn angst af?

Angst hoort bij het leven. Het waarschuwt ons voor gevaar, helpt ons alert te blijven en beschermt ons in moeilijke situaties. Maar wat als die angst niet meer helpt—als het je belemmert, uitput of klein houdt?


Misschien herken je het: een voortdurend gevoel van spanning, piekergedachten die maar blijven doorgaan, of situaties die je liever uit de weg gaat. Angst kan zich op veel manieren uiten, maar de kern is vaak hetzelfde: het gevoel de controle kwijt te zijn.


Toch is angst geen vijand die je moet verslaan. Het is een signaal dat iets aandacht vraagt. Wanneer je leert begrijpen waar je angst vandaan komt, ontstaat er ruimte. Ruimte om anders te reageren, om stap voor stap weer vertrouwen op te bouwen en om de dingen die belangrijk voor je zijn niet langer te laten bepalen door angst.


Angst kan zich in verschillende vormen uiten en is in veel situaties een normale en gezonde reactie. Het helpt je om dreigend gevaar te herkennen en jezelf of anderen te beschermen. Maar wanneer angst langdurig aanwezig is, niet in verhouding staat tot de situatie of als overweldigend wordt ervaren, kan het je dagelijks functioneren beïnvloeden. Misschien merk je dat angst steeds meer onderdeel wordt van je leven en dat het je belemmert in je thuissituatie, op school, op je werk of in contact met anderen.


Juist dan is het belangrijk om stil te staan bij wat er speelt. Door inzicht te krijgen in je angst en te leren hoe je ermee om kunt gaan, ontstaat er weer beweging. Zodat angst niet langer de boventoon voert, maar jij stap voor stap weer ruimte ervaart om te leven op een manier die bij jou past.

Jij bent niet alleen!

In Nederland krijgt 20% van de bevolking weleens te maken met een angststoornis. Jaarlijks kampt 3% van de bevolking te maken met een angststoornis. Het komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. 

Hoe herken je een angststoornis?


Angst komt bij iedereen in een andere manier naar voren. Er zijn verschillende vormen van angst. Onderstaand worden enkele benoemd: 

Gegeneraliseerde angststoornis

Je piekert veel over allerlei alledaagse dingen, zoals werk, gezondheid en familie. De angst is er elke dag, vaak ook onbewust. Het maakt je somber, opgejaagd en rusteloos.


Paniekstoornis

Op een onverwacht moment overvalt je een overweldigend gevoel van angst. Dit gevoel is eigenlijk veel te groot voor de situatie. De angst gaat samen met lichamelijke symptomen zoals hartkloppingen, zweten, duizeligheid, trillen en misselijkheid. Een paniekstoornis gaat vaak gepaard met agorafobie.


Agorafobie

Je gaat allerlei situaties uit de weg uit angst om een paniekaanval te krijgen. Je bent vooral bang voor situaties waaruit je niet gemakkelijk (‘met goed fatsoen’) kunt ontsnappen of waarin je niet onmiddellijk hulp kunt krijgen op het moment dat je hulp zou wensen. Voorbeelden van zulke situaties zijn een bezoek aan de kapper of reizen met het openbaar vervoer.

Sociale fobie

Je bent erg angstig in sociale situaties. Je maakt je zorgen over hoe anderen jou zien en beoordelen. Soms komen er op het lichaam gerichte angsten bij, zoals trilangst, bloosangst of zweetangst. Soms leidt deze fobie tot het volledig uit de weg gaan van sociale situaties.

Hypochondrie/ziekte-angst

Als je last hebt van hypochondrie, ben je vaak voortdurend bezorgd over je gezondheid. Je merkt misschien dat je normale lichamelijke sensaties snel interpreteert als iets ernstigs. Zelfs als een arts zegt dat er niets aan de hand is, blijft die onrust vaak aanwezig. Dit kan veel spanning geven en invloed hebben op hoe je je dagelijks voelt. Het kan helpen om te weten dat deze klachten vallen onder ziekte-angst en dat er manieren zijn om ermee om te gaan.


Wat kan je doen bij angst?



Merk jij dat je al langere tijd angstig bent? Wil jij daar wat aan doen? Het is mogelijk om er mee leren om te gaan en er van te herstellen. Niet iedereen heeft hetzelfde nodig, houd het persoonlijk. Wat past bij jou en wat heb jij nodig. Een paar tips op een rij:

  • Kom in beweging. Ga dagelijks even erop uit om te bewegen, denk aan: wandelen, zwemmen, fietsen of tuinieren. 

  • Neem voldoende rust/ ontspanning. Neem overdag de normale rustpauzes (ontbijt, tussendoortje, middageten, tussendoortje, avondeten en voor het slapen gaan gèèn moeilijke taken oppakken of zaken bespreken)

  • Houd je aan regelmaat. 

    • Probeer elke dag op dezelfde tijd naar bed te gaan en op te staan.

    • Blijf als het kan werken. Dat geeft afleiding en structuur.

  • Denk aan goede voeding

  • Probeer alcohol en drugs te vermijden 

  • Probeer minder cafeïne-houdende dranken te drinken. 

  • Praat met anderen.

  • Blijf zo veel mogelijk doen. ​

  • Houd een dagboekje bij en schrijf je angsten op en roep geruststellende gedachten op. 

Kom je er niet uit?

Zoek dan gerust contact met ons op. Wij staan voor je klaar. 

 
 
 

Opmerkingen


bottom of page